Verzorging
Van droog poeder naar levende starter
Je starter wakker maken kost een paar dagen, maar weinig moeite. De eerste dagen lijkt er niets te gebeuren. Dat hoort zo: onder de oppervlakte komen de gisten en bacteriën langzaam weer op gang.

Wat je kunt verwachten
Je eerste week, dag voor dag
Stille fase — er lijkt niets te gebeuren. Dat is de bedoeling.
Dag 1
Er gebeurt nog niets. Dat is normaal.
Je maakt de starter aan en laat hem 24 uur staan.
Dag 2
De eerste voeding
Misschien zie je een paar kleine bubbels, misschien nog niets.
Actieve fase — bubbels, geur en groei.
Dag 3–4
Bubbels en een zure geur
Er verschijnen bubbels en hij ruikt licht zuur, een beetje naar yoghurt of azijn.
Dag 5–7
Hij verdubbelt
Binnen enkele uren na het voeden groeit hij tot ongeveer het dubbele.
Klaar
Klaar om te bakken
Luchtig, bubbelig en aangenaam zuur van geur.
Wat je nodig hebt
Zeven dingen uit je eigen keuken
Meer is er niet nodig naast de starter zelf.
Een schone pot met deksel
Tarwebloem
Lauw water
rond 30 °C, nooit heter dan 40 °C
Een keukenweegschaal
Een spatel of lepel
Een elastiekje
om te zien hoeveel hij rijst
Een warm plekje
ideaal 24–27 °C
Voedschema
Dag voor dag: wat je doet
Houd de tijdlijn hierboven ernaast: zo weet je bij elke stap wat normaal is.
Wanneer
Wat je doet
Wat je mag verwachten
Dag 1
’s ochtends
Doe [HOEVEELHEID] gedroogde starter in een schone pot met 50 g lauw water (± 30 °C, handwarm). Laat 10 minuten weken en roer tot het poeder is opgelost. Roer er 50 g tarwebloem door tot er geen droge plekjes meer zijn. Deksel er losjes op. 24 uur laten staan op een warme plek.
Verwacht
Niets. Dat hoort zo.
Dag 2
Ochtend en avond (± 12 uur ertussen, bijv. 8:00 en 20:00)
Voed twee keer (zie “Zo voed je je starter” hieronder).
Verwacht
Hooguit een paar kleine belletjes.
Dag 3 en 4
Ochtend en avond
Voed twee keer per dag.
Verwacht
Meer bubbels, een licht zure geur, als yoghurt of azijn. Soms rijst hij al een beetje.
Dag 5 tot 7
Ochtend en avond
Voed twee keer per dag en kijk na elke voeding hoe hoog hij komt.
Verwacht
Hij verdubbelt binnen 4 tot 8 uur na het voeden.
Klaar
Wanneer hij twee voedingen achter elkaar verdubbelt
Door naar “De dag voor het bakken” of “Bijhouden” hieronder.
Verwacht
Je starter is actief.
Koel huis Is je huis koeler dan 20 °C? Tel er een paar dagen bij op — langzamer is niet kapot.
Bij elke voeding
Zo voed je je starter
Bij elke voeding dezelfde routine:
50 g starter + 50 g water + 50 g bloem
Waarom weggooien?
Zonder weggooien wordt je pot steeds voller en raakt de voeding steeds meer verdund. 50 g bewaren houdt het klein en krachtig.
Zet een lege pot op de weegschaal en zet hem op nul.
Schep 50 g starter uit de oude pot in de schone pot. De rest gooi je weg (of bewaar je voor pannenkoeken of crackers).
Voeg 50 g lauw water toe en roer de starter erdoor los.
Voeg 50 g bloem toe en roer tot een dik, glad beslag zonder droge plekjes — als dikke pannenkoekenbeslag.
Schraap de rand schoon met een spatel, zodat er niets aankoekt of uitdroogt.
Doe een elastiekje om de pot op de hoogte van de starter. Zo zie je straks hoeveel hij gerezen is.
Deksel er losjes op (niet vastdraaien — er moet gas uit kunnen) en zet hem op een warme plek, ideaal 24–27 °C.
Is hij klaar?
Hoe weet je dat hij klaar is?
Hoogte
Twee keer zo hoog
Twee keer zo hoog als het elastiekje, binnen 4–8 uur na het voeden.
Binnenkant
Vol bubbels
Luchtig als mousse; aan de zijkant van de pot zie je gaatjes.
Geur
Aangenaam zuur
Als yoghurt. Niet naar nagellak (dan heeft hij honger).
Tips
Gaat het trager? Geen zorgen.
Koud huis? Dan duurt het langer.
Hij is niet kapot. Zet hem bij de verwarming, of in de oven met alleen het lampje aan.
Kraanwater is in Nederland prima.
Twijfel je? Laat het water dan eerst een nacht open staan.
Een schepje roggemeel
Geeft een trage starter een duwtje.
Probleemoplossing
“Is hij dood?”
Bijna nooit. Zoek op wat je ziet; het label vertelt hoe ernstig het is.
Normaal Hoort erbij, gewoon doorgaan
Let op Kleine aanpassing nodig
Weggooien Niet meer te redden
Normaal Na een dag zie ik nog niets
Dat is normaal. Blijf voeden en zet hem op een warmer plekje.
Let op Er staat vocht bovenop
Hij heeft honger. Giet het vocht af of roer het erdoor, en voed hem.
Let op Hij ruikt naar nagellak
Hij heeft honger. Voed hem vaker.
Let op Hij rijst niet
Waarschijnlijk te koud of te droog. Zet hem warmer of voeg iets meer water toe.
Weggooien Ik zie roze, oranje of pluizige vlekken
Dat is schimmel. Gooi de starter weg en begin opnieuw.
Let op Na een week nog steeds niets
Neem contact met ons op via de contactpagina, dan kijken we samen wat er aan de hand is.
Daarna: bijhouden
Hoe vaak bak jij?
Op het aanrecht
Je bakt vaak
meerdere keren per week
- Voed één keer per dag, altijd rond hetzelfde tijdstip, met dezelfde routine (50 g starter + 50 g water + 50 g bloem).
- Bakken kan op het moment dat hij op zijn hoogst is, 4–8 uur na het voeden.
In de koelkast
Je bakt af en toe
eens per week of minder
- Voed hem, laat hem 1–2 uur op het aanrecht staan, en zet hem dan in de koelkast.
- Eén keer per week: eruit halen, voeden, 1–2 uur laten staan, terug de koelkast in.
- Vergeten? Een week of twee overleeft hij meestal. Staat er vocht bovenop: giet dat af en voed hem twee keer voordat je bakt.
Uit de koelkast
De dag voor het bakken
Avond vooraf
Starter uit de koelkast, voeden.
Ochtend
Nog één keer voeden.
4–8 uur later
Hij is verdubbeld — nu gebruik je hem in je recept. Houd altijd 50 g apart om verder te voeden.
Klaar? Bak je eerste brood.
Begin met een eenvoudig basisrecept.